Groepsregels

  • Probeer tijdens deze bijeenkomst te geven en te ontvangen wat jij zelf wilt geven en ontvangen.
  • Wees je eigen leider en bepaal wanneer je wilt praten of zwijgen en wat je zegt.
  • Onderbreek het gesprek wanneer je niet echt kunt meedoen, als jij je bijvoorbeeld verveeld, ontstemd bent of als jij je om een andere reden niet kunt concentreren! Deel je emotionele storing mee! Storingen hebben voorrang.
  • Spreek niet met men, je of wij, maar met ik! (Ik kan nooit echt voor een ander spreken. Het men, je of wij in persoonlijke opmerkingen heeft bijna altijd te maken met het zich verbergen voor de individuele verantwoordelijkheid.)
  • Als het om emotionele problemen gaat is het bijna altijd beter om persoonlijk iets mee te delen dan anderen een vraag te stellen. (Mijn uiting is een persoonlijke verklaring waardoor andere deelnemers aangemoedigd worden tot eigen uitingen; vele vragen zijn onecht; zij stellen indirect eisen aan de anderen en vermijden dat je iets over jezelf zegt.)
  • Spreek direct! Als je iemand in de groep iets wilt zeggen, spreek hem dan direct aan en toon door oogcontact dat je hem bedoeld.
  • Geef feedback wanneer je daar behoefte aan hebt! Als het gedrag van een groepslid aangename of onaangename emoties veroorzaakt deel het hem dan onmiddellijk mee, en zeg het niet achteraf tegen een derde.
  • Let op je eigen lichaamssignalen en op dergelijke signalen van de andere deelnemers!
  • Onderlinge gesprekken met de buurman dienen meteen -indien mogelijk- in de groep te worden gebracht, want zij bevatten vaak waarnemingen met betrekking tot de groep en het leergedrag van de groep.
  • Er mag nooit meer dan een persoon spreken. Als meerdere personen tegelijk iets willen zeggen moet er een oplossing voor de situatie worden gevonden.
  • Alles wat je hoort en ziet binnen de groep, blijft binnen de groep. Het is vertrouwelijk.